Op de verjaardag van de majesteit, die niet eens haar verjaardag is, graaf ik in mijn herinneringen en kom tot de conclusie dat ik weinig vroege herinneringen heb aan koninginnedag. Vroege herinneringen genoeg, maar niet aan koninginnedag. Nooit liep ik op deze dag met een versierde fiets en nooit deden we mee aan kinderspelen. Dat kan ik met zekerheid vaststellen. Vrijmarkten bestonden nog niet, die kwamen pas toen de welvaart kwam. Ook het verschijnsel aubade is me in verband met koninginnedag volkomen vreemd. Wat we dan wel deden? Ik kan het je niet vertellen. Volgens mj was het gewoon een dag, weliswaar een vrije dag, maar gewoon een dag. Werd er wel iets bijzonders gedaan, maar deden we er niet aan mee? Ik kan het je niet vertellen.
Ik vind de monarchie prima, al zou het koningsschap van mij meer ceremoniëel mogen zijn. Aan officiële ontmoetingen met de majesteit heb ik geen enkele behoefte. Ik denk dat B. eigenlijk een heel leuk mens is. Een leuk gesprek zou best mogelijk zijn, dat wel, maar alleen als ik mevrouw mag zeggen. Buigen als een knipmes doe ik voor niemand. Je zult me ook nooit langs enige koninklijke route aantreffen met een vlaggetje of een oranje muts. Je zult me er helemaal niet aantreffen. Ik zou de mensen die er uren langs de kant staan graag willen begrijpen, maar ik begrijp hen niet. De namen van het uitgebreide nageslacht kan ik niet gedachteloos opdreunen, maar er misschien wel incompleet uit persen als ik alle aanhang weg mag laten. Kortom, in een tv-quiz over royalty (Ik hoorde gisteren dat er zoiets bestaat) zal ik niet scoren.
Toch hangt ook hier de vlag uit.
Lang leve de koningin!
Van mij mag ze nog wel even blijven.







