denkers

De vrouw is….

een misgreep van God (Nietzsche)

het zaad van de decadentie (Weininger)

een gestrafte man (Plato)

de vijand van de vriendschap (Chrysostomos)

het resultaat van een constructiefout (Aristoteles)

een dier met lange haren en korte gedachten (Schopenhauer)

de verwoesting van al wat rechtvaardig is (Proudhon)

een zwak, zielig wezen (van Aquino)

een wezen wier waardigheid ligt in het onbekend blijven (Rousseau)

een menselijk wezen dat zich aankleedt,
babbelt en zich uitkleedt
(Voltaire)

Zo, daar kunnen we het voor vandaag wel mee doen.

flaters slaan en blunders maken

Er zijn dingen waar ik goed in ben.
Ik ben goed in het omgooien van glazen,
en in het vallen of toch minstens struikelen over niets.

Flaters slaan, blunders maken, bokken schieten, praat me er niet van.
En het gaat nooit over.

Ik heb meer dan eens languit op straat gelegen, om dan snel op te staan en me stoer met opgeheven hoofd maar pijnlijk lijf van de plaats des onheils te verwijderen.
Ik heb meer dan eens het brandschone tafellaken voorzien van akelig rode akelig grote wijnplekken.
Ik ben in restaurants van trappen gekukeld, heb vazen omgestoten, heb glazen gebroken.
Verzin het en het is me overkomen.

Nanos is gewoon een onhandige sukkel die haar hoofd niet heeft bij de dingen waar ze mee bezig is. Het beste dat ze kan doen is de hele dag op een stoel blijven zitten, achter de pc of zo, of met een boek. Zoiets.
Ja, er zijn een heleboel manieren om een hekel aan jezelf te krijgen.
En dus vraag ik aan de kaarttafel om een flesje met een rietje in plaats van een flesje met een glas, zodat er maar één ding om kan. Dus probeer ik het wijnglas zo weg te zetten dat ik het minste risico loop. Nu nog voor me kijken als ik op straat loop en niet mijn gedachten mijlenver weg hebben. Dat heeft het bijkomend voordeel dat ik zie wie ik tegenkom en eventueel gedag kan zeggen. Want ook dat wil er nog wel eens bij inschieten, heb ik begrepen. Maar dat hoor je dan pas achteraf.

overbodig

Vanmiddag kwam ik in een parkeergarage weer van deze ‘snelheidsbeperkende maatregelen’ tegen. Ze liggen er verspreid. Bij de uitgang zijn er zelfs twee achter elkaar. Twee! Alsof je niet bij één zo’n ding al vrijwel compleet stil staat.
Je leest het goed: in een parkeergarage. Een drempel in de straat, ok, als het nodig is, dan moet het maar. De meeste drempels zijn redelijk te nemen. De overbrugging van het hoogteverschil gaat bij die verkeersdrempels geleidelijker dan bij deze ondingen, terwijl ze kennelijk toch voldoende nuttig zijn. Deze gruwelijke bobbels zijn altijd een ramp voor zowel de auto als de inzittenden, ook op straat. Maar waarom moeten ze ook nog in een parkeergarage? Wie bedenkt zoiets?! De marketing van dit soort spul werkt té goed. O, was ik ooit maar in de snelheidsbeperkende maatregelen gegaan, of in geluidsschermen.

in één keer goed

Het is gelukt, zomaar zonder problemen. Dat is toch iets vermeldenswaards, of niet soms.
We gingen van de ene provider met adsl over naar de andere op kabel. En het ging allemaal vlot. Er was plug and play beloofd en zo ging het ook. Het werkte allemaal in een keer en ook nog binnen de beloofde tijd. Internet binnen 48 uur, telefoon op de beloofde dag. Alles binnen twee weken, nog wat sneller zelfs, van de bestelling tot het moment dat alles werkt.
Nu zitten we draadloos en vijf keer zo snel te internetten. En we zijn een heeeeeleboel draden kwijt. Het kán dus wel. Eigenlijk raar dat ik erover schrijf.

boom/geen boom

Toen we gisteren in het donker naar huis reden, zagen we dat het aantal opgestelde kerstbomen aardig was toegenomen. Er branden nu veel meer lichtjes achter de ramen en in de voortuinen dan een paar dagen geleden. Veel mensen hebben de zaterdag goed besteed.
Wij zijn nog niet zo ver. Aan buitenlampjes doen we nooit, maar zonder boom komen we de kerst niet door. Die hoort erbij. Wel doen we dat al drie jaar op zijn neps. Ik schreef twee jaar geleden al over de nepperd. Lees het daar maar.
We hebben nog steeds niet de drang weer op echt te gaan. Het is aan zekerheid grenzende waarschijnlijkheid, dat die geloofsafval definitief is.

kijken

Kijken, details zien en herkennen, het is niet iedereen gegeven. Hoe zal het toch komen dat het vaak dezelfde mensen zijn die het antwoord op mijn kijkvraag weten? Kijken ze anders dan de anderen? Je zou het haast zeggen.
Het was weer PeterS, het was weer Geartsje, het was weer Enneke, de top drie. En het vierde goede antwoord kwam van Thérèse.

Een paar weken geleden kocht ik bij Aldi een potje met een paar hyacinthbollen. Wat je op hier ziet is de stengel die uit de bol groeit. Klik maar even op het plaatje, dan krijg je de hele foto.

Nu staan twee van de drie bollen vol in bloei. De derde is onderweg. Ze ruiken sterk. Ik had daar bij aankoop niet zo aan gedacht, maar ik heb altijd een bepaalde associatie met sterk ruikende bloemen binnenshuis. Dat heb ik ook in een bloemenwinkel. Daar schreef ik wel eens over. Wie weet het nog?


Kijkspel, de stand van zaken

hoera

Het is nog steeds niks.
Maar vandaag is mijn kleinzoon jarig. Hij wordt al weer vier. We gaan dus vrolijk verder, want hij kan er ook niks aan doen. Hij mag nu naar school en dat is een hele gebeurtenis. Er werd al maanden naar uit gekeken. Ik herinner me mijn eigen eerste schooldag nog als de dag van gisteren. Ik was daar toen echt voor het eerst. Hij is er al een keer of wat geweest. Dat doen ze tegenwoordig. Dat heet ‘wennen’.’
“Ben je naar school geweest vandaag? Was het leuk?”
“Ik ga nog niet naar school, oma. Ik ben aan het wennen.”

Vandaag zijn we nog niet van de partij. We vieren het morgen, want ook dat gaat gewoon door, maar mijn slinger hangt hier natuurlijk vandaag al.