Bloody Men

Op dag vijf van mijn gedichtenweek:

Bloody Men

Bloody men are like bloody buses
You wait for about a year
And as soon as one approaches your stop
Two or three others appear

You look at them flashing their indicators
Offering you a ride
You’re trying to read the destinations
You haven’t much time to decide

If you make a mistake, there is no turning back
Jump off, and you’ll stand there and gaze
While the cars and the taxis and lorries go by
And the minutes, the hours, the days

Wendy Cope (1945)

Weggaan

Op dag vier van mijn gedichtenweek:

Weggaan

Weggaan is iets anders
dan het huis uitsluipen
zacht de deur dichttrekken
achter je bestaan en niet
terugkeren. Je blijft
iemand op wie wordt gewacht.

Weggaan kun je beschrijven als
een soort van blijven. Niemand
wacht want je bent er nog.
Niemand neemt afscheid
want je gaat niet weg

Rutger Kopland (geb. 1934)

Uit: Het orgeltje van yesterday.
Amsterdam, 2000

zevendaagse

‘Ze halen er meer uit dan ik erin stop, ‘ zei ooit een een schrijver. Ik gok nu even op Bomans, maar het kan net zo goed iemand anders geweest zijn. Het is dan ook al heel lang geleden, ik geloof dat ik toen nog op school zat. En toen wilde ik graag meegaan met deze opmerking. We deden op school heel wat aan ‘tekstverklaren’. De opmerking ging dan ook niet alleen over gedichten, als ik het me goed herinner, het ging over alle literaire uitingen. Je wilt niet weten wat ik toen allemaal aan tekst heb uitgeplozen. Met proza had ik geen moeite, ik was altijd al een lezer, maar gedichten las ik niet.
Ik had dan ook een hekel aan gedichten. Man man, wat konden ze daar moeilijk in doen. En dan dat voordragen, doorgaans op zo’n plechtige, gedragen toon. Het meest simpele zinnetje werd zo nog gezwollen taal. Vre-se-lijk. Pas als al die dramatiek in het voordragen wat minder werd, kon ik het aanhoren. Modern dichtwerk leent zich vaak ook een stuk beter voor wat lossere voordracht.
Het is nooit helemaal over gegaan. Het aantal zelfaangeschafte dichtbundels in mijn boekenkast is op een hand te tellen. Dan hou je nog vingers over. Ik ben hooguit een incidenteel gedichtenlezer, ik lees ze als ik ze tegenkom. Ik zoek er niet naar.
En toch plaats ik deze week elke dag een gedicht. Gedichtendag vind ik te mager, ik hou een gedichtenweek, met heel uiteenlopende gedichten.
Hieronder staat het gedicht van de derde dag, een oud gedicht.

Sonnet 21

Op de derde dag van mijn gedichtenweek:

Sonnet 121

‘t Is beter slecht te zijn dan slecht te heten,
Want wie het niet is, gaat er toch voor door;
Gesmaakt genot, zelfs met een goed geweten,
Gaat aan de smaad van anderen teloor.
Wat groeten anderen met valse blik,
Zelf overspelig, mijn onstuimig bloed ?
Wat spiedt hun zwakker ik naar mijn zwak ik,
Belust te laken wat ik houd voor goed ?
Nee, ik ben die ik ben, wat ik misdreef,
Is niet hun zaak, maar wat zijzelf misdreven;
Misschien ben ik wel recht en zijn zij scheef,
Hun past geen laag idee over mijn leven.
Tenzij men dit algemeen kwaad poneert:
De mens is slecht, zijn slechtheid triomfeert

William Shakespeare (1564-1616)

vertaling Peter Verstegen

SONNET 121

‘Tis better to be vile than vile esteem’d,
When not to be receives reproach of being
And the just pleasure lost which is so deem’d
Not by our feeling but by others’ seeing:
For why should others false adulterate eyes
Give salutation to my sportive blood?
Or on my frailties why are frailer spies
Which in their wills count bad what I think good?
No, I am that I am, and they that level
At my abuses reckon up their own:
I may be straight, though they themselves be bevel
By their rank thoughts my deeds must not be shown;
Unless this general evil they maintain,
All men are bad, and in their badness reign

Ik hou zo van verlangen

Dit is de tweede dag in mijn gedichtenweek:

Ik hou zo van verlangen

Mevrouw Julia doet de ramen open
en ze weet geen woord voor de lucht die haar wangen raakt
en de zon heeft de kleur van honing

en ze weet
vandaag gaat het gebeuren
en ze denkt
maar eerst blijf ik nog even staan.

Tjitske Jansen (1971)

Uit: Het moest maar eens gaan sneeuwen

weerverleden

Je kunt er niks mee, maar het is wel even leuk om te kijken op de site weerverleden.
Je tikt er een datum in en krijgt een overzicht van het weer op die dag, je geboortedag bijvoorbeeld.
Het achtergrondplaatje maakt het resultaat niet echt lekker leesbaar, maar het is leesbaar.
Ik ging niet voor de originaliteitsprijs, ik koos mijn geboortedag.
Bij mij roept het weer van die dag wat vragen op. Ik laat je een fragmentje zien van het verslag van het weer van toen:

De zon liet zich amper zien, slechts 0.6 uur.

Er viel 3.9 mm neerslag gedurende 2.8 uur.

Het was een onbewolkte dag

Merkwaardig toch?
Het was onbewolkt, maar het heeft wel bijna drie uur geregend,
en de zon heeft zich nauwelijks laten zien.
Ik klik ook even op de link naar het volledige overzicht.
Het staat er echt, het was gemiddeld onbewolkt, maar er was maar weinig zon en het heeft ook geregend.
Was het dan ‘s nachts onbewolkt en regende het overdag?
Dat moet het zijn.
Gemiddeld was het 5°, vrij normaal voor januari. Dat is in elk geval minder verwarrend.

Ik probeer een andere datum, een datum die ik me herinner. Ik krijg nu een achtergrondplaatje zonder regendruppels. Dat leest een stuk makkelijker. Op de geboortedag van een van mijn dochters was het in mijn herinnering de hele dag stralend weer. Ik heb vrijwel de hele middag buiten doorgebracht met een kind van anderhalf dat het toen al vertikte ‘s middags nog te slapen. Er is wat gewandeld en ik heb in de zon met een buurvrouw zitten praten, op een bankje in haar tuin. Dat kan nooit een verkeerde herinnering zijn.
De zon scheen drie uur, staat er, en het was een zwaar bewolkte dag.
Nou begrijp ik het helemaal niet meer …

Nou ja, toch leuk, die site weerverleden.

debielocratie

Gedichtendag?
Ik maak er een week van!
Vanaf vandaag zeven dagen lang elke dag een gedicht.

Deze vond ik in Komrij’s Nederlandse Poëzie van de 19de tot en met de 21ste eeuw in 2000 en enige gedichten:

DEBIELOCRATIE

op het pleintje
luistert het volk
gladjanus
wikt en weegt woorden

vuilgrijs haar
uitstulpende voorhoofden
ogen te dicht bij elkaar
‘drie maal drie is tien’ blikken
geveinsde betrokkenheid

zo komen we er wel
wat fijn dat we ieder een stem hebben
en van die wijze leiders bovendien

Theo Bakker (Oegstgeest, 1951)

Uit:Toch daagt het weer, Gedichten 1996-1999
Amsterdam 2001

geel en bruin

De plantenbak is een paar meter in het vierkant. De planten zijn allemaal van dezelfde soort. ‘s Zomers is de beplanting groen, maar nu is alles bruin. Alle blad zit er nog aan. De bak staat op een woonerf. Vlakbij staat er nog zo een en de paar meter ertussen zijn om tussen de bakken door te rijden. Midden in de ene bak ligt een nummerplaat tussen de planten. Hij kleurt mooi bij het bruin, maar daarvoor zal die plaat er niet liggen. Waarom ligt ie er dan wel? Hoe komt die plaat daar? Van wat voor auto is hij afgehaald. Hoe, wanneer, en door wie?
Het was vast niet de eigenaar die ermee aan de haal ging. Hebben jongens een leuke avond gehad, en daarna de avond nog leuker gemaakt door die plaat van een auto te slopen? Had hij een jongenskamer moeten sieren en werd hij tijdens de tocht naar huis toch te onhandig? Is de auto gestolen en zijn de platen achtergelaten? Ligt de tweede plaat een stukje verderop?
Ook heel simpele dingen roepen vragen op, bijvoorbeeld een gewone kentekenplaat in een bak met planten. We zullen het antwoord niet weten. Voorlopig ligt daar dus die gele kentekenplaat tussen het bruin, tot gemeentewerkers met de plantenbak aan de slag gaan.

flessen

Ik heb net vanmiddag weer een kratje geleegd, toen ik boodschappen ging doen. Glas in de glasbak, blik in de blikbak, frisdrankverpakking, plastic, alles netjes waar het hoort.
Misschien was dat niet zo handig.
We hebben nog wel een paar van die mooie kistjes waar flessen wijn in gezeten hebben. Deels zijn ze in gebruik. Die staan op een plank in de garage. Er staan flessen in met schoonmaakmiddel, schoonmaakazijn, lampolie en meer van dat soort spul. Ik kan de flessen bewaren als ze leeg zijn, maar ik zou er ook nu al een aardige foto van kunnen maken. Dan krijg je ongeveer dit.

Dit is niet van mij.
Dit hangt in Nijmegen aan de muur in Museum Het Valkhof.
Het is een kunstwerk uit 1963, gemaakt door Jan Henderikse. Het heet Flessen-assemblage.
‘Hé,’ zei ik, toen we het in het oog kregen, ‘dat breng ik elke week weg naar de VIP.’
Maar dat is natuurlijk heel oneerbiedig. Dit is kunst en wat wij hebben is afval. Zo is dat.

Ik ga nu toch wel een beetje anders naar onze kistjes met plastic flessen kijken.
En dat is precies de bedoeling van kunst, je gaat er anders door kijken.

Literaire Debuten


Literaire debuten, zie ze maar eens te vinden bij de boekhandel. Tussen de stapels bestsellers liggen ze niet. In de kast staat misschien wel iets, maar vind dat verse literaire talent er maar eens. Je weet niet wat je zoekt. Daarom mogen we best blij zijn met de nieuwe website waarop die debuten worden besproken. Behalve dat je nu weet dat ze er zijn, kun je ook een beetje weten of het voor jou de moeite waard is er de boekhandel voor binnen te stappen en de hoge stapels voorbij te lopen.

De site ziet er fris uit en is overzichtelijk. Er staan nu twintig boekbeoordelingen en er komen er regelmatig bij. In de rechter zijkolom vind je bijzonderheden als ISBN-nummer, uitgever en prijs. In de linkerkolom kun je een reactie toevoegen.

Ik beken dat ik van recencies de eerste helft bij voorkeur diagonaal lees. Het is goed te weten waarover het boek gaat, maar allerlei details over de verhaallijn sla ik liever over. Daarover weet ik liefst zo weinig mogelijk. Ik wil het oordeel weten. Tot nu lukte het me aardig dat wat ik al wel wil weten te scheiden van wat ik nog niet wil weten.

Literaire Debuten, ga er eens kijken!