De Partij voor de Dieren voegde weliswaar een nieuw element toe aan ons politieke landschap, maar een aanwinst kan ik de partij niet noemen. Dat telt voor meer aanwinsten, maar daar gaat het hier verder niet over.
Van mij mag het, ritueel slachten of hoe je het ook noemen wilt. Het debat erover is volgens mij volkomen hypocriet. Er wordt flink op de sentimenten gewerkt dat die arme beesten vreselijk aan hun eind komen, maar er wordt wel vergeten dat de andere slachtdieren, die o zo humaan geslachte dieren, een vreselijk leven achter de rug hebben in de bio-industrie. Dat is kennelijk geen probleem voor de politiek.
Het ritueel slachten ziet er bloederig uit, eng, dat moet wel vreselijk zijn. Hoe bewerk je de sentimenten? Laat het bloed zien! Dat heeft de PvdD aardig door, en omdat het allemaal zo zielig is en er al genoeg gedoe is in Nederland, wordt het publiek nu tevreden gesteld met instemming van de andere partijen voor het wetsvoorstel waarin het verbod geregeld wordt.
De ‘voorstanders’ hebben geen argumenten die de massa aanspreken. Ritueel slachten is zielig, toch? Het moet verboden worden, en dat jullie dat altijd al zo deden, hoeft niet te betekenen dat je er mee door moet gaan. Wat zijn er dan verder voor argumenten over? De discussie wordt behoorlijk vervuild zodra er anti-semitisme bij gehaald wordt. Elk argument wordt verder doodgeslagen, want zeggen dat dat er niets mee te maken heeft en dat het alleen om de dieren gaat, heeft geen zin.
Hoe dan ook, van mij mag het blijven zoals het is. Laten we eerst maar eens naar de dierenlevens kijken. En dan liefst niet met de ogen van de PvdD.